‘Veranderen pensioeningangsdatum is te duur en loont daardoor de moeite niet’

Dolf Wietzema Menkhorst Pensioen

De kosten van het veranderen van de pensioeningangsdatum van de eerste van de maand naar de verjaardag van de deelnemer of het opbouwpercentage naar beneden bijstellen kost al snel € 10 mln, aldus hoogleraar pensioenrecht Herman Kappelle.

Dat loont de moeite niet, vindt hij. Kappelle, bijzonder hoogleraar fiscaal pensioenrecht, reageert hiermee op een besluit van staatssecretaris Wiebes van Financiën. In reactie op vragen uit de Tweede Kamer  bepaalde de staatssecretaris vorige week dat pensioenuitvoerders twee jaar respijt krijgen voor het actuarieel herrekenen van pensioenen die ingaan voor de 67e verjaardag van de deelnemer. Bij een opbouwpercentage van 1,875% zijn die fiscaal bovenmatig, als de regeling ook fiscaal maximaal is op andere punten, zoals de franchise en het nabestaandenpensioen. Om binnen de fiscale kaders te blijven moet óf de pensioeningangsdatum veranderen, óf het opbouwpercentage omlaag, met 0,012% naar 1,863%.

Sociale partners en pensioenuitvoerders hebben nu tot 1 januari 2017 de tijd om dat te regelen. In beide gevallen betekent dit het aanpassen van arbeidsvoorwaarden en het wijzigen van de regeling, aldus Kappelle. De kosten van die operatie wegen, naar zijn mening, niet op tegen de opbrengsten. In een ruwe berekening komt hij uit op €10 mln aan kosten bij alleen pensioenuitvoerders. Bij zijn schatting gaat hij er vanuit dat de helft van de 7.500 pensioenregelingen moet worden aangepast en dat de kosten van de aanpassing vergelijkbaar zijn met die van de verlaging van de belastingvrije pensioenopbouw dit jaar. Het maakt niet uit of het opbouwpercentage van 2,15% naar 1,875% gaat  of van 1,875% naar 1,863%, aldus Kappelle. Het opschuiven van de pensioeningangsdatum naar de eerste van de maand na de 67e verjaardag van de pensioendeelnemer is ook mogelijk, maar dat is volgens Kappelle administratief lastige operatie. ‘Het bereiken van de pensioenleeftijd is de enige reden voor ontslag van rechtswege.’ Het beste dat de staatssecretaris nu kan doen, is om regelingen die de fiscale ruimte maximaal benutten toch als zuiver aan te merken bij de eerste van de maand als pensioeningangsdatum, zegt Kappelle. ‘De staatssecretaris kan dat doen. De Belastingdienst heeft die ruimte niet.’ Een alternatief is dat aanpassing pas nodig is bij verlenging van de overeenkomst tussen werkgever en pensioenuitvoerder.

Bron: PensioenPro